![]() |
||||||||||
|
||||||||||
Nieuwsbrief werkkostenregeling 2010 Bijlage Werkkostenregeling Verhuiskosten, kerstpakketten, laptops, bedrijfsfitness, mobiele telefoons, fietsen, internet-abonnementen, werkkamerkosten... je kunt het zo gek niet bedenken of er is wel een fiscaal-vriendelijke regeling voor, mét de bijbehorende uitzonderingen, mitsen en maren. Dat is vervelend voor werkgevers, maar vooral voor de fiscus, die het allemaal moet controleren. Aan al die aparte regelingen komt per 1 januari 2011 een eind. Vanaf die datum is er nog maar één overkoepelende werkkostenregeling. Tot en met 31 december 2013 mogen werkgevers die toepassen, daarna is hij verplicht. De nieuwe werkkostenregeling wordt gepresenteerd als een zegen, maar in de praktijk is hij vooral fijn voor de fiscus. Voor werkgevers is hij nog knap lastig... Hoe zit de nieuwe werkkostenregeling in elkaar? Is het gunstig om er meteen al mee aan de slag te gaan of kun je beter nog even wachten? En hoe gaat de implementatie in zijn werk? Dat en meer leest u in deze Nieuwsbrief Bijlage. We hebben hem geschreven vanuit het perspectief van de werkgever. Het basisprincipe Over het bedrag dat binnen de vrije ruimte valt, betaalt u geen loonbelasting. Over het meerdere betaalt u loonbelasting in de vorm van een eindheffing van 80%. (Alleen loonbelasting, dus geen premies.) Een eindheffing wil zeggen dat u als werkgever de belasting betaalt en dat de werknemer daar verder buiten blijft. Die krijgt zijn vergoedingen en verstrekkingen gewoon belastingvrij. Alleen wat onder het loon valt Er zijn nog veel meer van dat soort gevallen. Hieronder een overzicht van alles wat niet onder het loon valt en dus buiten de werkkostenregeling kan blijven. - Voordelen buiten de dienstbetrekking - Wanneer een werkgever een werknemer een vergoeding geeft of iets cadeau doet, zonder dat dit gebaseerd is op de werkgevers-werknemersrelatie, dan is de werkkostenregeling niet van toepassing. Denk aan een rouwkrans of een fruitmand; die geef je als mens en niet als werkgever. Deze kosten zijn dus gewoon onbelast. De Staatssecretaris is het hier overigens niet mee eens. Die vindt fruitmanden, etc. (en - bizar genoeg - ook de kosten voor toiletbezoek) wel degelijk loon, dat vervolgens op nul gewaardeerd mag worden. - Intermediaire vergoedingen - Wanneer een werknemer een bedrag voorschiet dat u later vergoedt, is de werkkostenregeling niet van toepassing op de vergoeding. Dat is dus het eerder genoemde voorbeeld van de secretaresse die van eigen geld kantoorbenodigdheden voor de zaak koopt, en die achteraf declareert. - Vrijgestelde aanspraken - In principe behoren 'aanspraken' (zoals de werkgeversbijdrage voor de zorgverzekeringswet) tot het belaste loon, maar sommige van die aanspraken zijn vrijgesteld. Dat is met name het geval als er een zogenaamde omkeerregeling geldt, waarbij niet de aanspraak zelf maar de uitkering belast is. Bijvoorbeeld: pensioenregelingen, eenmalige uitkeringen bij ontslag, etc. - Vrijgestelde uitkeringen en verstrekkingen - Sommige uitkeringen en verstrekkingen gelden als vrijgesteld (dus onbelast) loon. Bijvoorbeeld: een extra maandsalaris bij een 25- of 40-jarig jubileum. - Eigen bijdrage - De werkkostenregeling is eveneens niet van toepassing op verstrekkingen waarvoor de werknemer een eigen bijdrage betaalt van minimaal de (factuur)waarde van de verstrekking. Gerichte vrijstellingen Er zijn gerichte vrijstellingen voor: De waardering van vergoedingen en verstrekkingen Het waarderen van vergoedingen is simpel: dat is gewoon het geld dat u uitkeert. Voor verstrekkingen geldt de factuurwaarde inclusief btw. Maar let op: vergoedingen en verstrekkingen die geheel of gedeeltelijk voor de werkplek (in het bedrijf zelf) bedoeld zijn, mag u lager waarderen dan de waarde in het economisch verkeer of zelfs op nul waarderen. De volgende vergoedingen en verstrekkingen mogen op nul gewaardeerd worden: Overgangsregeling Let op: zolang u de nieuwe werkkostenregeling nog niet toepast, moet u wel rekening houden met de aanvullende maatregel dat u niet meer dan euro 454 per jaar per werknemer onbelast mag vergoeden of verstrekken voor personeelsreizen, personeelsfestiviteiten en dergelijke incidentele voorzieningen. Overstappen of toch nog even wachten? Houd er in ieder geval rekening mee dat het sowieso een heel gedoe kan zijn, om over te schakelen. Denk daarbij onder andere aan: het aanpassen van de loonadministratie, het opstellen van nieuwe declaratiereglementen, en het maken van nieuwe afspraken over de vaste-kostenvergoedingen voor uw personeel, al dan niet in CAO-verband. Let op: tot en met 2013 mag u voor elk afzonderlijk jaar opnieuw bepalen of u de oude of de nieuwe regeling wilt toepassen. Uw keuze moet wel gelden voor een heel jaar; ergens halverwege weer van systematiek veranderen is niet toegestaan.
Geen rare dingen doen Bij een vaste vergoeding voor een of meer van de gerichte vrijstellingen moet de werkgever vooraf een steekproefsgewijs onderzoek onder de werknemers houden ter onderbouwing van de vergoeding. Doet de werkgever dit niet, of geeft hij een te hoge vergoeding, dan valt deze vergoeding in het forfait van 1,4%. De bewijslast voor de gebruikelijkheidstoets ligt in principe bij de inspecteur. Implementatie 1. Inventariseer per kostensoort het bedrag (incl. btw) dat u aan vergoedingen en verstrekkingen geeft aan uw werknemers. 2. Bepaal per kostensoort of dit loon is of niet. Zie: 'Alleen wat onder het loon valt' hierboven, waarbij intermediaire kosten etc. dus niet onder het loon vallen. 3. Maak vervolgens per kostensoort een onderverdeling in: Kies per kostensoort of deze in de werkkostenregeling valt of rechtstreeks bij de werknemer belast wordt. 4. Waardeer alle kosten die onder de werkkostenregeling vallen: factuurwaarde inclusief btw, waarde in het economisch verkeer, nihil, of normbedrag. (Een ‘normbedrag’ is bijvoorbeeld de euro 2,90 per dag, die een werkgever in 2011 bij het loon moet tellen voor de lunch van een werknemer.) 5. Bereken de vrije ruimte, oftewel 1,4% van de fiscale loonsom. 6. Bereken de verschuldigde loonheffing bij toepassing van de huidige regels. Het loonheffingspercentage varieert van 0% tot 108,3%. 7. Bereken de verschuldigde loonheffing bij toepassing van de werkkostenregeling. Het loonheffingspercentage bedraagt 80%. 8. Vergelijk de kosten van punt 6 en 7 met elkaar en kies op grond daarvan wat voor u het gunstigst is. Vanzelfsprekend begeleiden wij u graag bij het doorlopen van deze stappen. |
![]() |
|||||||||
Zuukerweg 21, 8161 XW Epe | Telefoon: 0578-614537 | Fax: 0578-620885 | info@kieskampaccountants.nl |
||||||||||
![]() |
||||||||||